De geluidsgolven die een stem produceert hebben op microschaal hetzelfde heen-en-weer-effect als een knijpkat. Dus kun je daar energie uit oogsten om een mobieltje mee op te laden. De Zuid-Koreaanse onderzoeker Sang-Woo Kim heeft een prototype ontwikkeld, al is er wel hard verkeerslawaai voor nodig om een klein stroompje op te wekken.
Praktisch is het dus nog niet, maar wat niet is, kan nog komen. Er zijn immers al horloges die energie oogsten uit de polsbeweging van hun dragers. Mobieltjes hebben nu nog teveel energie nodig om uit de omgeving te halen.
Energie oogsten uit geluid werkt met dunne laagjes zinkoxide tussen twee elektroden. De geluidsgolf drukt het zinkoxide een beetje in, waardoor een klein spanningsverschil ontstaat tussen de elektroden.
Het project Sunglacier moet laten zien dat de klimaatuitdagingen groot zijn, maar dat alternatieve energievormen ongekende mogelijkheden bieden.
Zonnecellen zijn duur om te maken. Ze kunnen goedkoper, denken onderzoekers van de University of Warwick, als je het materiaal deels vervangt door goud.
Zonnecellen zijn een soort omgekeerde zaklantaarn: ze zetten licht om in elektriciteit. Ze hebben dan ook twee elektroden, een aan de bovenkant en een aan de onderkant. De bovenste elektrode moet transparant zijn, anders kan het licht er niet doorheen. Dat geldt ook voor organische zonnecellen, die flexibeler en dunner zijn. Alleen moet de prijs nog omlaag.
Tot nu toe wordt voor de bovenlaag in organische zonnecellen indiumtinoxide gebruikt. Dat is echter een nogal instabiel en duur materiaal. Op zoek naar een alternatief kwamen onderzoekers van de University of Warwick uit bij goud. Het bleek moeilijk om daar een laagje van te maken zo dun dat het transparant was, maar het lukte. Goud heeft verder als voordeel dat het niet roest. Een vierkante meter flexibele zonnecel kost ongeveer vijf euro aan goud.
Na vier jaar ontwikkelen aan de TU Delft is de afscherming klaar voor de markt. Het jonge bedrijfje Ephicas, gestart door studenten, brengt ze op de markt.
Volgens Anna Sues, promovenda aan de TU Eindhoven, zijn er in Europa onvoldoende plantenresten om te kunnen voldoen aan de Europese doelstelling om auto’s in 2020 voor tien procent op biobrandstof te laten rijden. Sues, in een bericht van de universiteit: “Bijkomend probleem is dat het overgrote deel van de Europese bossen privébezit is, wat betekent dat met talloze partijen contracten moeten worden onderhandeld. De ambitie van de Europese Commissie is onrealistisch.”
Sterker nog, berekende Sues, het is helemaal niet efficiënt om de biomassa om te zetten in biobrandstof en die vervolgens door gewone auto’s te laten opstoken. Beter is het om de biomassa in een centrale om te zetten in elektriciteit en daar dan elektrische auto’s op te laten rijden.
De generator is een omgekeerde koelkast: warmte wordt elektriciteit in plaats van elektriciteit koude.